Slapen op wolken

‘s Avonds lees ik nog wat en duik dan in het grote bed, gastvrij opengeslagen, het voelt als een wolk.

De volgende ochtend ontmoet ik Farley, die het ontbijt serveert, met French toast, roerei, cappuccino en een glimlach. Zijn naam is niet Indonesisch, zoals hij, maar ‘komt uit een cowboyboek dat mijn vader las.’ Farley werkt ook al eeuwen bij De L’Europe, net als portier Ed, die talloze talen spreekt. Momenteel leert hij Zweeds, omdat het kan. Hij heeft zelfs eens geneusd met Japanners, als welkom. Maar het hoogtepunt van zijn hotelcarrière was toch wel het bezoek van operazangeres Jessye Norman, jaren terug. ‘Toen ze op haar kamer repeteerde, leek de hele verdieping te trillen.’ En dan is er de keurig in uniform gestoken hoofdconciërge Evaristo, ook wel Eef. Bijna alles wat gasten maar wensen weet hij te fiksen. Hij heeft huwelijksaanzoeken geregeld, nachtelijke feestjes in banen geleid. Een schatrijke gast wilde eens een levensechte molen kopen, welja. Eef pleegde wat telefoontjes. Toen hij het bijna voor elkaar had, ging de koop niet door, maar toch: service is zijn middle name. Zijn hobby? Kalligraferen, later in de week ontvang ik een envelop, met mijn naam in sierlijke letters. Eef schrijft dat hij ooit een laatste wens vervulde voor een gast. Het ontroert hem nog steeds, als hij eraan denkt. Hoe meer mensen ik leer kennen, hoe groter het besef dat dit niet alleen een baan, maar hun leven is.

“Ook The Wunderkammer heeft een plek in De L’Europe, het bloemistenduo verzorgt al het groen in het hotel en heeft een winkel.

Koraal, fossielen, zeldzame planten: een wondere wereld indeed.”

Zuurstof

Voor directeur Edward Leenders geldt dat zeker ook, hij woonde ook een langere tijd in De L’Europe, met zijn gezin. Hij bracht verandering, zuurstof, een nieuwe koers. Mendo werd binnengehaald, een pracht van een boekhandel en creative hub, waar je bij een kop koffie de mooiste boeken kunt doorbladeren. Ze organiseren lezingen en kleine optredens, binnenkort komt er een wereldberoemde artiest, haar naam wordt gefluisterd. Ernaast zit Graziella, een fantastische inpandig Italiaans restaurant, met ingevlogen Italiaanse koks en obers, en plaatjes van gerechten die niet normaal lekker zijn. Een heel geslaagd ideetje van directeur Leenders, want het loopt er storm. Toe maar, een hotel met drie restaurants. Ook The Wunderkammer heeft een plek in De L’Europe, het bloemistenduo verzorgt al het groen in het hotel en heeft een winkel naast restaurant Graziella. Koraal, fossielen, zeldzame planten: een wondere wereld indeed. Dat geldt overigens voor het hele hotel, sinds Nicemakers zich ertegenaan hebben bemoeid. Joyce en Dax Roll, eveneens bewoners, gaven het hotel een totaal andere vibe, richtten de lobby opnieuw in, de aangrenzende zithoekjes, de restaurants, de bar. Denk rijke materialen, unieke objecten, kunst. Nieuw beklede fauteuiltjes, fonkelende kroonluchters, gordijnen van velours. Hoogpolige tapijten, een bijzettafeltje in de vorm van een olifant. Het is alsof je jezelf terugflitst naar de jaren 20 en toch is het van nu. Later komen ook de hotelkamers aan de beurt, hun eigen appartement in het hotel heeft het duo alvast aangepakt. Ik mag kijken en bewonder de luxe zitkuil, de kunst van San Ming en Dan Hellier en de stoffen van Dedar. ‘Vooral ’s avonds is het hier bijzonder, vertellen Joyce en Dax, ‘als de stadsgeluiden dempen, we uitkijken op het Cineac en Tuschinski, terwijl de kaarsen in onze kamer weerspiegelen in het raam.’ Ik weet inmiddels precies wat het nog altijd verliefde designduo bedoelt.